Ron's Website

Stamboomonderzoek vanuit Gieten, Drenthe, Nederland

Startpagina Zoek Aanmelden  
Deel Print Voeg bladwijzer toe


Aantekeningen


Treffers 1 t/m 50 van 314

      1 2 3 4 5 ... Volgende»

 #   Aantekeningen   Verbonden met 
1
Huwelijksakte:
No.12 In den jare duizend acht honderd vijf en dertig, maandag den dertienden April, des nademiddags om vier uur, Compareerden voor mij Tjaarda de Cock, Burgemeester Officier van den burgerlijken Stand in de Gemeente Wildervank Drewes Roelfs Kuiper als Bruidegom van beroep Arbeider wonende te Wildervank, en alhier blijkens overgelegde Acte gedoopt den negentienden November Zeventienhonderd Zevennegentig, weduwnaar van Janna Hindriks Dekker, alhier volgens overgelegd Extract overleden den Zestienden Junij des jaars achttienhonderd tweeendertig, meerderjarig zoon van Roelf Drewes Kuiper van beroep Kuiper wonende te Wildervank, en wijlen Martje Pieters Bos, overleden in deze gemeente blijkens overgelegde Extract den vierentwintigsten September des vorige jaars de vader hierbij tegenwoordig verklarende in dit huwelijk te consenteren; en Janna Gerrits Wilkes jonge dochter als Bruid zonder beroep wonende te Wildervank, geboren te Veendam, en aldaar blijkens overgelegde doopacte gedoopt den veertienden April, des jaars Zeventienhonderd negen en negentig, meerderjarige dochter van Gerrit Wilkes, van beroep Stoedraaijer, en van Marijke Jans Leininga, ehelieden wonende te Wildervank, beiden hierbij present, en verklarende tot dit huwelijk hunne toestemming te geven. Welke van mij verzocht hebben te procederen tot de voltrekking van het huwelijk tusschen hunlieden voorgenomen, en waarvan de publicatien Zijn gedaan voor de hoofdingang van het Huis der Gemeente alhier, te weten: de eerste op Zondag den tweeentwintigsten - en de tweede op Zondag daaraanvolgende den negenentwintigsten Maart dezes jaars, telkens des middags te twaalf uren. Daar nu geene oppositie tegen gedacht huwelijk aan mij Officier van den Burgerlijken Stand is bekend gemaakt, Zoo heb ik ter voldoening aan hun verzoek, na voorlezing van alle stukken tot dezen betrekkelijk, en van het Zesde hoofddeel van den titel van het burgerlijk wetboek, getiteld, "over het Huwelijk" gevraagd, Zoo aan de toekomende Echtgenoot als Egade, of Zij Zich wederkerig wilden aannemen als Man en als Vrouw, waarop nadat elk hunner afzonderlijk een bevestigend antwoord gegeven heeft, door mij verklaard is gelijk geschied bij dezen uit naam van de wet, dat de Comparanten Drewes Roelfs Kuiper en Janna Gerrits Wilkes, door het huwelijk vereenigd zijn. Aldus gedaan in het Huis der Gemeente te Wildervank in tegenwoordigheid van de hiertoe verzochte vier getuigen zijnde Freerk Jans Brouwer, Landbouwer, oud vierendertig jaren, Solke Jans Brouwer, Landbouwer, oud negentwintig jaren beide wonende te Wildervank, Harm Jans Brouwer, Landbouwer, oud Zeventwintig jaren wonende te Anloo, Roelf Geerts van der Werf, Scheepstimmerman, oud dertig jaren, wonende te Wildervank Welke deze acte benevens de Comparanten na gedane duidelijke voorlezing met mij hebben geteekend. (10 handtekeningen). 
Gezin F6490
 
2 Getuige(n): bij het huwelijk, 3 Jun 1704, Brunssum, Brunssum, Limburg, Nederland. Elisabetha Wijnen, Petro Wolters en Cornelia Doenen. Gezin F4612
 
3 "De Meerdijk" aan de Rondweg SPEELMAN, Harmke (I15689)
 
4 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Levend (I16275)
 
5 16-07-1942: Landwirtschaftsführer Wit Rutheniën SPEELMAN, Jeichinus (I9665)
 
6 1766 d, 6 April d. 20 - d. 4 Maij Pieter Arents van de Calkw: en Jantje Willems Bos van Sapp: gecop: d. 4 Maij. Gezin F6488
 
7 1836: Predicant bij de hervormden
 
WINEKE, Hendrik (I13947)
 
8 1855: Bakker. VAN DAM, Pieter Berends (I14272)
 
9 1855: gepensioneerd militair. SPEELMAN, Jacob (I15186)
 
10 1856: Medicinae docter KRULL, Herman Petrus (I13963)
 
11 1863: Arts / geneesheer WINEKE, Georg Hendrik Hein (I13941)
 
12 1894: Rijksveearts REIMERS, Hindrik (I13959)
 
13 1895: Schipper UITTERWIJK, Hendrik (I13929)
 
14 1903: van beroep politieagent. DIJKEMA, Jacob (I13843)
 
15 1906: rijksveldwachter. MARTIJN, Albertus (I14263)
 
16 1908: burgemeester KRULL, Gerhardus Hoseas (I13981)
 
17 1912: bakker. WOLDHUIS, Dolfien (I9895)
 
18 1924: dierenarts REIMERS, Herman Cristinus (I13971)
 
19 Aaltje, weduwe Geert Claasen van Oostwold op 15-7-1770 met attestatie vertrokken naar de gemeente Lettelbert en Enumatil (Register van de persoonen de in 't begin van jaer 1682 cumunicanten geweest van des heeren heijligh Avontmael en daer toe aengenomen.)
 
JANS, Aaltje / Aeltje(n) (I6929)
 
20 Adres tot aan overlijden: Delf 109, 9642 JK VEENDAM  GREVING, Wicher Oncko (I779)
 
21 Agrariër akkerbouw en veeteelt. SPEELMAN, Berend (I11)
 
22 Tenminste nog één levende persoon is verbonden aan deze aantekening - detailgegevens worden niet weergegeven. Levend (I25)
 
23 aktenr.: 61

60.jar.huw. receptie in café Van Houten te Kloosterveen 
Gezin F6564
 
24 Ambtenaar Provinciale Waterstaat Drenthe. SPEELMAN, Jakob (I5)
 
25 Anloo, 12-8-1764, Collectie Xerokopieen DTOB, boek 1 (doopboek, 1673-1768), pagina 144

Gedoopt: Harm, geboren te Schipbork, gedoopt op 12-8-1764, zoon van Gerrit Suringe en Hendrikje Harms Julsinge.
Getuige(n): Frerikje Julsinge.
NB: getuige 1 echtgenote van Reindert Oosting; woonplaats Plankensloot. 
SURINGE, Harm Gerrits (I12214)
 
26 Anloo, 14-5-1786, Collectie Xerokopieen DTOB, boek 3 (ondertrouw- en trouwboek, 1715-1806), pagina 131

Huwelijkdatum: 14-5-1786; Ondertrouwdatum: 22-3-1786;
Bruidegom: Jannes Homan, Jongeman; woonplaats: Eext
Bruid: Willemtje Suring, Jongedochter; woonplaats: Schipbork 
SURING (ZURING), Willemtje Gerrits (I12213)
 
27 Anloo, 14-5-1786, Collectie Xerokopieen DTOB, boek 3 (ondertrouw- en trouwboek, 1715-1806), pagina 131

Huwelijkdatum: 14-5-1786; Ondertrouwdatum: 22-3-1786;
Bruidegom: Jannes Homan, Jongeman; woonplaats: Eext
Bruid: Willemtje Suring, Jongedochter; woonplaats: Schipbork. 
HOMAN, Jannes (I12215)
 
28 Anloo, 23-8-1761, Collectie Xerokopieen DTOB, boek 1 (doopboek, 1673-1768), pagina 136

Gedoopt: Jantje, geboren te Schipbork, gedoopt op 23-8-1761, dochter van Gerrit Suringe en Hindrikje Julsing.
Getuige(n): Wemeltje Hindriks Mentinge.
NB: getuige 1 echtgenote van Jan Roelofs; woonplaats Schipbork. 
S(CH)(T)URING (ZURING) (SURINGE), Jantje Gerrits (I933)
 
29 Anloo, 26-4-1791, Collectie Xerokopieen DTOB, boek 3 (ondertrouw- en trouwboek, 1715-1806), pagina 138

Huwelijkdatum: 26-4-1791; Ondertrouwdatum: 2-4-1791;
Bruidegom: Hindrik Aeilts, Jongeman; herkomst: Schilwolda; woonplaats: Anloo; attestatie naar Schilwolda
Bruid: Jantje Gerrits Suringe, Jongedochter; herkomst: Schipbork; woonplaats: Anloo. 
WILTJER, H(e)(i)ndrik Aeilts (I932)
 
30 Anloo, 26-9-1756, Collectie Xerokopieen DTOB, boek 1 (doopboek, 1673-1768), pagina 127

Gedoopt: Willemtje, geboren te Schipbork, gedoopt op 26-9-1756, dochter van Gerrit Suring en Hindrikje Julsinge.
Getuige(n): Jantje Julsing.
NB: getuige 1 zuster van moeder. 
SURING (ZURING), Willemtje Gerrits (I12213)
 
31 Bakker (1875) OTTENS, Roelof (I3190)
 
32 Bakker (1914) PRANGER, Albertus (I533)
 
33 Bakker / molenaar SPEELMAN, Hendrik (I622)
 
34 Bakker te Westerdiep 763 Veendam. WOLTMAN, Harm Haijes (I6751)
 
35 Bakkersche LUKKIEN, Aaltje Albers (I6750)
 
36 Bakkersche ELFRING, Hindrikje(n) Berends (I11426)
 
37 Begraafplaats "Eshof" SPEELMAN, Harmannus Johannes (I13244)
 
38 Begraafplaats "Eshof" SPEELMAN, Jan (I13241)
 
39 Begraafplaats "Eshof" SPEELMAN, Matje (I13245)
 
40 Begraafplaats "Eshof" NIENHUIS, Jan (I13250)
 
41 Begraafplaats "Vredehof" BOER, Geert (I784)
 
42 begraven te Joure (R.K. begraafplaats) SCHOUTEN, Dirk Joseph (I3545)
 
43 Berend Trip werd eerst op een onbekende plaats begraven, op 30 november 1945 gevonden in het massagraf in Appelbergen nabij het Groningse Glimmen, gemeente Haren. Uiteindelijk werd Berend herbegraven op het kerkhof van Nieuw-Buinen. TRIP, Berend (I9562)
 
44 Berend Trip werd op 2 mei 1943 om 21:57 uur op 25-jarige leeftijd standrechtelijk gefusilleerd op de pistoolbaan van de Rabenhaupt-kazerne te Groningen.  TRIP, Berend (I9562)
 
45 Bernier Lucas Homan liet de windmolen te Gieten in 1833 bouwen. Voor de bouw stuurt hij op 29-12-1832 een verzoek aan de Gedeputeerde Staten van Drenthe: "Edel Groot Achtbare Heren
De ondergetekende Bernier Lucas Homan, Landbouwer te Emmen, neemt de vrijheid, UedGr. Achtb. onderdaniglijk voor te dragen:
Dat in de Gemeente Gieten tot ongerief der Ingezetenen, tot dusver nog geen Koorn-, Pel- of Olymolen aanwezig is;
Dat Exposant, wel genegen zoude zijn, in gezegde Gemeente eenen Wind- Koorn- Pel of Olymolen op te rigten;
Dat hij denzelven wenscht te bouwen op Zekeren kamp, den Exposant in eigendom toebehoorende, genaamd de Bonderkamp, even ten Oosten van het dorp Gieten gelegen, gezwet ten Oosten Jan Harms Ottens, ten Zuiden Hendrik B. Hoogenesch en Cons. ten Westen Hendrik H. Hoogenesch en ten Noorden den Algemeenen weg:
Dat Exposant, ten gevolge de bestaande verordeningen, de toestemming van UedGr. Achtb. behoeft, om het bedoelde trafiek daar te stellen, uitwelken hoofde hij zich dan ook tot UedGr. Achtb. wendt, met Submis verzoek:
Dat het UedGr. Achtb. moge behagen, den Exposant den Noodige vergunning te verleenen, om op het voorgescr. Stuk land, in de gemeente Gieten, eenen Wind- Koorn- Pel en Olymolen te mogen Oprigten".
Het verzoek wordt toegewezen, echter wil Bernier Lucas Homan de molen op een andere plek bouwen. Door veranderde wetgeving moest er ondertussen echter ook koninklijke toestemming komen. Hiertoe dient Bernier Lucas Homan een nieuw verzoek in. 
HOMAN, Bernier Lucas (I12944)
 
46 Beroep: Herbergier, Landbouwer.

Getuige(n): bij aangifte overlijden, 5 Dec 1743, Amstenrade, Schinnen, Limburg, Nederland. Johan Ubachs (zoon) en Bartholomeus Strökens (schoonzoon).

Peter was een welgesteld man, hij bezat in zijn woonplaats Schinveld veel landerijen, o.a. "op de Steenakker", "op de Kling" en in de Trichterskoul, maar het bracht hem geen geluk. Wegens schulden is hij gedwongen land en een huis te verkopen. In 1717 wordt hij veroordeeld wegens belediging van de keurmeester, die in zijn herberg het bier kwam keuren. In 1723 staat hij terecht om zich te verantwoorden voor het ontduiken van hand- en span- diensten ten behoeve van de Oostenrijkse regering, die vanaf 1714 tot de komst van de Fransen in 1794 over Schinveld en omgeving de souvereiniteit bezat. Hem was samen met drie andere dorpsgenoten opgedragen met hun paarden in Gulpen te verschijnen om de Gouverneur der Nederlanden, die misschien op terugreis was van Wenen naar de hoofdstad Brussel te begeleiden. De gevorderde paarden moesten in elk geval dienen als voorspan voor de karossen van de Gouverneur op weg naar Luik. Nadat de Schinveldenaren Zijne Exelentie tot die stad vergezeld hadden, waren zij er midden in de nacht vandoor gegaan. Voor dat plichtsverzuim werden ze gegrepen en veroordeeld tot een boete van 5 Goudgulden en de betaling van de proceskosten. Een jaar later, op 20-10-1724 maakt Cornelia Dounen, zijn eerste echtgenote, haar testament. Zij is bezorgd dat haar man de goederen, die zij in het huwelijk heeft ingebracht, verbrassen zal. Daarom wordt manlief door haar uitdrukkelijk van de erfenis uitgesloten. In 1727 wordt Peter beboet wegens medeplichtigheid aan mishandeling van een dorpsgenoot "op de Plats". Op 30-09-1737 komt zijn handtekening voor op een acte in verband met een geldlening, die Schinveld moet aangaan om een door het Oostenrijkse leger opgelegde vordering te kunnen betalen. In 1739 belandt Peter in de kerker van het Kasteel van Amstenrade op verdenking van medeplichtigheid bij inbraken en diefstallen, maar door gebrek aan bewijs wordt hij ook weer vrijgelaten. Uit een rekening van de gevangenbewaker van het kasteel weten we hoelang de verdachte gevangen gezeten heeft. De rekening vertelt; "Aen Peter U. van Schinveld door order van den Heere Drossard om Deszelfs Impotentheyt daegelijcks gegeven de portie van mijn tafel. Welcken heeft geseten van 29 Aug. tot de 3e December 1739, maeckende ses en negentigh daegen". Vier jaar later wordt de man opnieuw gegrepen en in Amstenrade gevengen gezet. Deze keer brengt hij het er niet levend vanaf. Het overlijdingsbericht van Pastoor Daemen van Schinveld vermeldt, dat Peter 05-12-1743 te Amsterraed overleden is, en begraven is "na alleen het sacrament van de Biecht" ontvangen te hebben. Door het ontbreken van voldoende sacramenten in Amstenrade door de exegese, kreeg de veroordeelde weliswaar gelegenheid om te biechten, maar de andere sacramenten der stervende mocht hij niet ontvangen. Na op de pijnbank medeplichtigheid bekend te hebben aan diefstallen in de pastorieen van Schaesberg en Marienberg, aan moord bij de Beukeboom te Limbricht, aan kerkdiefstallen te Ubach, Eygelshoven, Schaesberg, Amstenrade, Spaubeek, Nieuwstadt en Marienberg, en tenslotte aan diefstallen bij Reynders te Brunssum en bij Drossart Duyckers te Raath-Bingelrade, Wordt hij samen met Johan J., "de tamboer van Schinveld", "in het veld van Treebeek" (het Marebosch) opgehangen. Later zullen de nabestaanden de kosten van het proces gepresenteerd krijgen. Omdat de rekening van de gevangenbewaker bewaard is gebleven, zijn we gedetailleerd van die kosten op de hoogte; "Ten daege van d'Executie aen de gedetineerden gegeven twee potten warmen wijn f. 2,-. Item aen den gerichtsbode voor het smeren der gekwetste ledematen van de gefolterde criminelen twee potten brandewijn a 13 stuiver den pot f. 2,- en 6 stuiver. Item voor het executeren der creminelen geleverd 300 schansen a 10 gulden de honderd f. 30,-. Item aen den scherprechter (=beul) geleverd 18 3/4 potten wijn f. 18,-. Item aen de Heren pastoors en andere priesters die de criminelen bijgestaan hebben 16 potten wijn f. 16,-." De eerder vermelde publicatie van het Nederlands Patriciaat, die niets vermeldt van Peter's zwarte ziel, schrijft dat de man in Schinveld begraven is. Die berichtgeving sluit aan wat pastoor Daemen in het boven geciteerde overlijdensbericht heeft vastgesteld. Volgens de rekening van de gevangenbewaarder moeten we echter aannemen, dat de terechtgestelden na de executie ter plaatse gecremeerd zijn, want daarvoor waren 300 schansen geleverd.
Behalve een zwarte ziel had Peter Ubachs ook een zwart uiterlijk, "der Peter uit Schinveld" was een "kerel" met bruin smerig haar, gekleed in een asgrauwe, linnen jas.
Zes jaar na deze gebeurtenis maakt koster Arnold Buysers van Schinveld in 1749 vier verkoopcontracten op voor de ergenamen van Peter, die genoodzaakt zijn om land te verkopen, omdat zij-zoals overigens gebruikelijk "de kosten van het proces tegen hun vader betalen moeten".  
UBACHS, Peter (I10838)
 
47 beroep: hoofdagent v.politie TINGEN, Jan (I16123)
 
48 Beroep: Landbouwer.

Henri trouwde met Lysken ( Elisabeth) Houben) N. (Smets Nn circa 1488. (Lysken ( Elisabeth) Houben) N. (Smets Nn werd geboren circa 1465 in Ubachsberg, Limburg, Nederland en overleed vóór 1555.)

Heyntgen Ubachs wordt in 1550 vermeld in het cijnsregister van de parochie Voerendaal als bezitter van goederen te Ubachsberg. De cijnzen worden door de kinderen betaald: Goert, Lemmen "op die Bergh" (?) en Lijsken. Daarnaast wordt Heyntgen in 1559 vermeld in een cijnsregister van kasteel Puth onder Voerendaal als gewezen laat (=leenman, naar het latijnse laetus =horige) van het huis en hof met akkerland Fronhoeffen (Vrouweheide) te Ubachsberg. 
UBACHS, Henri (I10857)
 
49 Beroep: Landbouwer.

Leenman van laarhof de Peerboom en landbouwer aldaar.

Getuige(n): bij de doop, 14 Apr 1641, Voerendaal, Voerendaal, Limburg, Nederland. Joannes Schepper, Elisabeth van Linden, Sara Can, Hubert Heutz. 
UBACHS, Godefroid (I10843)
 
50 Beroep: Landbouwer.

Overlijden. tussen 28 augustus 1557 en 1 augustus 1559.
Wordt in 1550 en 1559 nog vermeld als mede cijnsplichtig voor de goederen van zijn vader.

Bezit: Koop, 3 Jan 1554, Ten Esschen, Limburg, Nederland. Koopt op 3 januari 1554 van Hendrik van den Esschen het keurkeulse leengoed Ten Esschen en gebruikt deze hoeve als onderpand.

Goert (Gort) Ubachs, overleden tussen 29-08-1557 en 01-08-1559, Hij wordt in 1550 en 1559 genoemd als medecijnsplichtig voor de goederen van zijn vader. Hij koopt van Hendrik van den Esschen het keurkeulse leengoed "Ten Esschen" en gebruikt deze hoeve als onderpand 03-01-1554. In hetzelfde jaar en kort daarvoor hadden Goert en Lysken bij een erfenis vijf sijllen akkerland en een erfgoed gekregen.
15 Oogstmaand 1558 (leen Clein Caldenborn). Ten overstaan van Heinrich van ten Esschen en Wilhelm Pysschen leenmannen, hebben zijn zus Lijsken (met haar dochter Lijsken, oud 15 jaar) en Gort benevens haar ooms van vaders en moederszijde goed gevonden dat er een "erfwessel" plaats had tussen Lijsken met haar dochter en Gort, n.l. dat Gort van lijsken derde morgen akkerland zou verkrijgen.

15 Oogstmaand 1558 (leen Clein Caldenborn). Gort verkoopt ten overstaan van de leenmannen ook aan zijn broer met zijn vrouw Metthen een stuk akkerland. 1 Oogstmaand 1559, zijn kinderen Heyntgen, Berbken, Godefroid en Laurent erven na zijn dood het (leen Ten Esschen) met al het daarbij behorende land en weiden. (LVO 6407)
321 
UBACHS, Godefroid (I10853)
 

      1 2 3 4 5 ... Volgende»


Deze site is mede ontwikkeld door Ron Speelman i.s.m. The Next Generation of Genealogy Sitebuilding v. 12.1, naar het idee van Darrin Lythgoe © 2001-2021.

De website-data wordt onderhouden door Ron Speelman. | Data Beschermings Beleid.